Als zzp’er kun je niet volledig belastingvrij verdienen, maar er zijn wel flinke vrijstellingen en aftrekposten waardoor je over een deel van je omzet geen belasting betaalt. Hoeveel je als zzp’er belastingvrij kunt verdienen, hangt af van welke aftrekposten je kunt toepassen en of je ook in loondienst werkt.
Belastingvrij verdienen bestaat niet, maar aftrekposten wel
Je betaalt als zzp’er altijd inkomstenbelasting over je winst, niet over je omzet. Winst is wat overblijft nadat je alle zakelijke kosten hebt afgetrokken. Daarna mag je nog een aantal belastingvoordelen toepassen die je belastbare winst verder verlagen. Pas op wat daarna overblijft, betaal je belasting.
De belangrijkste aftrekposten voor zzp’ers zijn:
- Zelfstandigenaftrek: in 2026 naar schatting rond 900 euro (de afgelopen jaren wordt dit bedrag jaarlijks verder afgebouwd richting 2027).
- MKB-winstvrijstelling: 13,31% van je winst na de zelfstandigenaftrek is vrijgesteld van belasting.
- Algemene heffingskorting: een korting op de te betalen belasting, in 2026 naar schatting rond 3.000 euro, afhankelijk van je inkomen.
- Arbeidskorting: ook als zzp’er heb je hier recht op als je voldoende verdient.
Hoeveel mag je als zzp’er concreet belastingvrij verdienen?
Bij een laag inkomen en met alle aftrekposten correct toegepast, kan het zijn dat je effectief weinig tot geen belasting betaalt. Reken als richtlijn: een zzp’er die in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek, de MKB-winstvrijstelling en de algemene heffingskorting, betaalt pas netto belasting vanaf een winst van naar schatting rond 10.000 tot 15.000 euro per jaar (schatting 2026). Dat exacte omslagpunt verschilt per persoon, onder meer door de hoogte van de heffingskortingen en eventuele andere inkomsten.
Een rekenvoorbeeld (ter illustratie, bedragen 2026 zijn schattingen):
- Winst: 20.000 euro
- Min zelfstandigenaftrek (naar schatting ~900 euro): 19.100 euro
- Min MKB-winstvrijstelling (13,31% van 19.100): circa 2.542 euro
- Belastbaar inkomen: circa 16.558 euro
- Inkomstenbelasting over dit bedrag (schijf 1): circa 6.000 euro bruto
- Min heffingskortingen (naar schatting samen circa 5.000 euro of meer): eindbedrag vaak laag
Dit voorbeeld laat zien hoe aftrekposten en kortingen samen fors drukken op wat je uiteindelijk betaalt. Laat dit altijd doorrekenen door een boekhouder of gebruik de rekenhulp van de Belastingdienst, want jouw situatie kan anders zijn.
Zzp’er naast loondienst: hoeveel mag je dan belastingvrij verdienen?
Werk je naast je zzp-activiteiten ook in loondienst, dan telt je zzp-winst op bij je looninkomen. Je betaalt daardoor eerder een hoger belastingtarief. De heffingskortingen worden bovendien al (deels) verrekend via je werkgever. Je kunt dan niet dezelfde kortingen dubbel toepassen.
Een extra aandachtspunt: de zelfstandigenaftrek geldt alleen als je aan het urencriterium voldoet, namelijk minimaal 1.225 uur per jaar besteden aan je onderneming. Werk je veel in loondienst, dan red je dat urencriterium misschien niet. In dat geval vervalt de zelfstandigenaftrek en wordt je belastingvoordeel als zzp’er een stuk kleiner.
Er is geen apart “vrij te verdienen” bedrag voor zzp’ers naast loondienst. Je winst telt gewoon mee als inkomen, en je valt daarmee sneller in een hogere belastingschijf. De MKB-winstvrijstelling geldt ook in deze situatie, maar de netto belastingdruk is hoger dan wanneer je alleen zzp’er bent.
Kleine ondernemersregeling (KOR) en btw
Los van de inkomstenbelasting speelt ook de btw een rol. Als je omzet onder de 20.000 euro per jaar blijft, kun je kiezen voor de Kleineondernemersregeling (KOR). Je berekent dan geen btw aan klanten en draagt ook niets af. Dit is geen vrijstelling van inkomstenbelasting, maar scheelt wel administratie en kan financieel aantrekkelijk zijn bij een lage omzet. Je kunt de betaalde btw op zakelijke kosten dan echter ook niet meer terugvragen.
Houd er rekening mee dat “belastingvrij verdienen” als zzp’er dus nooit volledig is. Wat je kunt bereiken, is je belastbare winst zo laag mogelijk houden via legale aftrekposten en regelingen. Laat je situatie jaarlijks doorrekenen, zeker als je ook in loondienst werkt, zodat je geen aftrekposten misloopt en niet voor verrassingen komt te staan bij de aanslag.