De afschrijving van zonnepanelen geldt als een zakelijke aftrekpost waarmee je de aanschafkosten van je panelen over meerdere jaren verdeelt in je belastingaangifte. Voor ondernemers is dit een belangrijk fiscaal punt, zeker omdat de Belastingdienst in 2024 specifieke regels heeft gepubliceerd over hoe die afschrijving berekend wordt en welke beperkingen daarbij gelden.
Hieronder lees je precies hoe de afschrijving van zonnepanelen werkt, welke beperkingen er zijn en wat je als ondernemer moet weten om geen fouten te maken.
Wat is afschrijving op zonnepanelen?
Afschrijving betekent dat je de kosten van een bedrijfsmiddel niet in één keer aftrekt, maar uitsmeert over de verwachte gebruiksduur. Zonnepanelen zijn een bedrijfsmiddel als je ze zakelijk gebruikt, bijvoorbeeld als ondernemer met een eigen pand. Je schrijft dan elk jaar een deel van de aanschafwaarde af als kosten, wat je belastbare winst verlaagt.
De gebruiksduur van zonnepanelen ligt doorgaans op 20 tot 25 jaar. Dat betekent dat je per jaar ruwweg 4 tot 5 procent van de aanschafwaarde afschrijft. Stel: je koopt zonnepanelen voor 20.000 euro met een restwaarde van 0 euro en een gebruiksduur van 20 jaar. Dan schrijf je elk jaar 1.000 euro af. Dat bedrag breng je als kosten in mindering op je winst.
De afschrijvingsbeperking bij zonnepanelen
De Belastingdienst heeft in december 2024 een kennisgroepstandpunt gepubliceerd (KG:213:2024:7) over de afschrijvingsbeperking bij zonnepanelen. Daarin staat hoe afschrijving en afwaardering tot lagere bedrijfswaarde bepaald worden wanneer zonnepanelen onderdeel zijn van een gebouw.
De kern van die beperking is de zogeheten bodemwaarde. Voor gebouwen geldt al langer dat je niet verder mag afschrijven dan de WOZ-waarde van het pand (de bodemwaarde). Zonnepanelen die duurzaam met een gebouw zijn verbonden, worden in bepaalde gevallen behandeld als onderdeel van dat gebouw. In dat geval tellen ze mee bij de berekening van de bodemwaarde en daarmee ook bij de afschrijvingsbeperking.
Concreet betekent dit: als jij én een verbonden persoon (zoals een partner of medeaandeelhouder) allebei investeren in hetzelfde pand of dezelfde installatie, worden de afschrijving en de afwaardering tot lagere bedrijfswaarde berekend alsof het één en dezelfde persoon is. Je kunt de beperking dus niet omzeilen door de investering te splitsen over meerdere personen.
Zonnepanelen als zelfstandig bedrijfsmiddel of als onderdeel van het gebouw?
Of de afschrijvingsbeperking voor gebouwen van toepassing is, hangt af van de vraag of de zonnepanelen als zelfstandig bedrijfsmiddel worden gezien of als onlosmakelijk onderdeel van het gebouw. Dit onderscheid is niet altijd zwart-wit.
- Zonnepanelen op een los staande constructie (carport, grondsysteem) worden vaker als zelfstandig bedrijfsmiddel gezien.
- Zonnepanelen geïntegreerd in het dak (zonnedakpannen, BIPV-systemen) worden eerder als onderdeel van het gebouw beschouwd.
- Gewone panelen op een dakconstructie zitten fiscaal in een grijs gebied. De Belastingdienst kijkt naar de mate van duurzame verbondenheid met het gebouw.
Het praktische gevolg: als de panelen als onderdeel van het gebouw gelden, loop je tegen de bodemwaardegrens aan zodra de WOZ-waarde bereikt is. Je kunt dan niet verder afschrijven, ook al is de economische waarde van de panelen gedaald.
Afwaardering tot lagere bedrijfswaarde
Naast de reguliere afschrijving bestaat er een andere mogelijkheid: afwaardering tot de lagere bedrijfswaarde. Dat is relevant als de werkelijke waarde van de zonnepanelen sneller daalt dan de afschrijving bijhoudt, bijvoorbeeld door technologische veroudering of een dalende energieopbrengst. Je mag dan in één keer afwaarderen naar die lagere waarde.
Maar ook hier geldt de beperking: de Belastingdienst berekent de afwaardering van verbonden personen samen. Je kunt de lagere bedrijfswaarde niet apart per persoon claimen om zo een hogere totale aftrek te bereiken. De onderlinge samenhang wordt fiscaal als één geheel behandeld.
Kleinschaligheidsaftrek en andere voordelen combineren
Los van de afschrijving zijn er aanvullende fiscale voordelen die je kunt benutten bij de aanschaf van zonnepanelen als ondernemer. De belangrijkste zijn de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) en de milieu-investeringsaftrek (MIA). Deze aftrekposten zijn gebaseerd op het investeringsbedrag en staan los van de jaarlijkse afschrijving.
Let op: de KIA en MIA verlagen je investeringsbedrag niet voor afschrijvingsdoeleinden. Je schrijft nog steeds af over de oorspronkelijke aanschafwaarde (minus restwaarde), ook als je die aftrekken al hebt genoten. Combineren is dus mogelijk, maar reken beide voordelen apart uit.
Privégebruik of zakelijk: het maakt een groot verschil
Bovenstaande regels gelden voor ondernemers die zonnepanelen zakelijk activeren. Particulieren die zonnepanelen op hun eigen woning plaatsen, schrijven die niet af. Zij hebben te maken met andere regels, zoals de salderingsregeling en (in beperkte gevallen) btw-teruggaaf.
Gebruik je de panelen deels zakelijk en deels privé? Dan schrijf je alleen het zakelijke deel af. Dat vereist een heldere onderbouwing van de verhouding, bij voorkeur vastgelegd in je administratie.
De afschrijving van zonnepanelen is minder eenvoudig dan het lijkt, zeker zodra er sprake is van een gebouw of verbonden personen. Raadpleeg bij twijfel een belastingadviseur, zodat je niet achteraf tegen een correctie aanloopt van de Belastingdienst.